"Three damn shots a day", Mick van Rossum NSC over draaien in 3D
Geschreven door Annemarie Vestering   

Noem hem geen 3D-expert. Het is bij toeval dat hij ermee in aanraking is gekomen en er nu iets vanaf weet. Hij is echt niet zo’n freak die er urenlang boeken over gaat zitten lezen; alleen als het moet verdiept hij zich erin. Maar ondertussen wordt Mick van Rossum steeds meer met 3D geassocieerd in de in de Nederlandse filmwereld. Cameraverhuurbedrijf Camalot is begonnen met het investeren in 3D-apparatuur, en heeft hem gevraagd om te adviseren. Hij krijgt veel aanvragen van postproductiebedrijven die 3D-films willen doen. En hij wordt geregeld gevraagd voor 3D-projecten. Mick: ‘Ik denk dat het een passerend station is.’

Amhibious

 

Wanneer ben je voor het eerst in 3D gaan filmen?

“Stereographic film is vermoedelijk een betere term. Daarmee bedoel ik dat er met een brilletje diepte wordt aangebracht. De term 3D wordt toch vaak geassocieerd met computer graphics. Twee jaar geleden werd ik benaderd door regisseur Mathijs Geijskes en producent Ivo Broekhuizen van productiebedrijf A Million Dreams. Geijskes en Broekhuizen wilden zelf een 3D-film maken, bedoeld voor evenementenparken. Ze investeerden eigen geld in Boat Trip 3D; een korte film over een jongen op een boot die achterna wordt gezeten. Aanvankelijk was cameraman Rolf Dekens voor deze klus benaderd, maar die moest afhaken om de speelfilm Spion van Oranje te draaien. Toen vroegen ze mij. Niemand had nog ervaring met 3D, we moesten opnieuw het wiel uitvinden. We hadden geen budget en moesten improviseren, ook omdat we met een heel klein clubje op een boot gingen filmen. Alles moest met accu’s en generatoren. Ik had geen assistent en geen licht. Het zelfgebouwde rig dat we hadden geleend van de Franse 3D-goeroe Alain Derobe woog 40 kilo, dus het veranderen van de instelling was lastig. De lenzenwissel kost bij 3D sowieso veel tijd; je moet de lenzen na het wisselen op elkaar afstellen, omdat anders het stereo-effect niet goed werkt. Kortom, het was een ontzettend gedoe, maar wel leuk.”


Hoe gaat het met de 3D-film in Nederland?

“Amerika, Japan en Zuid-Korea hebben al 3D-films uitgebracht, Duitsland komt binnenkort met twee films, waarvan een van Wim Wenders. Frankrijk heeft er al iets meer gemaakt en in Engeland hebben ze vast al een film opgenomen. Daar maken ze overigens ook 3D-televisie. In Nederland komt dit jaar de eerste 3D-speelfilm Amphibious uit, waaraan ik eind 2009 gewerkt heb. Het is een Indonesisch-Nederlandse co-productie, geregisseerd door Brian Yuzna, een Amerikaanse horrorveteraan (o.a. Re-Animator )die al jaren in Jakarta woont. De Nederlandse inbreng kwam van producent San Fu Maltha, line producer Niko Post en mij. De rest van de crew kwam uit Indonesië, de cast was gemengd Amerikaans, Indonesisch, Engels, Nederlands en Singaporees.
In vergelijking met het buitenland loopt Nederland dus zeker niet achter. Het is wel zo dat we in Nederland nog heel weinig ervaring hebben met stereographic film. Ik meen dat er alleen in de jaren ’80 een 3D-film gemaakt is voor de Gasunie. Het is lang het terrein geweest van amateurs. En hoewel er heel weinig mensen zijn die weten hoe het moet, zijn er wel ongelofelijk veel verschillende meningen over hoe je het beste in drie dimensies kunt filmen. Er zijn niet veel disciplines in de filmwereld waarin zoveel verschil van mening is als bij het filmen in 3D.”

Hoe komt dat?

“Ik denk dat het ermee te maken heeft dat het moeilijk is om wetenschappelijk aan te tonen hoe 3D precies werkt. Het is dus lastig om objectief vast te stellen wat goede 3D is, of hoe het beter kan. Er zijn een aantal wetmatigheden die bepalen in hoeverre het werkt. Die hebben te maken met het feit dat je ogen ‘berichten’ doorgeven aan je hersenen en hoe die de informatie vervolgens interpreteren. Het verschilt per persoon hoe die berichten worden opgepikt. Er is een bepaald percentage, ik meen vier of vijf procent van de wereldbevolking, dat geen 3D kan kijken, die ziet het niet. Er zijn ook mensen die er heel slecht tegen kunnen; zij hebben last van tranende ogen, misselijkheid, en hoofdpijn. Er zijn dus een groot aantal variabelen, dat maakt het zo discutabel.
Er wordt nog weinig goede 3D gemaakt. Op de IBC (International Broadcasting Convention, vakbeurs op het gebied van media, video en broadcasting, jaarlijks in de RAI, AV.) waren maar een paar stands met goed toegepaste 3D. Niet toevallig waren dat de bedrijven die er veel ervaring mee hebben. Het is momenteel natuurlijk een hype, iedereen wil er iets mee. En het publiek is het nog niet gewend en vindt het al snel leuk.”

"Amphibious" set


Hoe kom jij aan je kennis over stereografie?

“Die heb ik echt proefondervindelijk opgedaan. Ik denk nu dat ik het snap, maar daar ging dus eerst een speelfilm overheen. Je moet jezelf echt trainen in het 3D kijken. Ik heb ook veel geleerd van de stereografen waarmee ik heb gewerkt, hoewel die het geregeld niet met elkaar eens waren. Verder heb ik het een en ander over het onderwerp gelezen, zoals 3D Movie Making van Bernard Mendiburu en de boeken van Lenny Lipton. En ik volgde een cursus stereografie bij Florian Maier in München. Er is overigens ook een online cursus stereografie uitgebracht op FXPHD, dus voor wie belangstelling heeft…”

Hoe ga je te werk, als je in 3D draait?

“Je hebt twee camera’s nodig, die in afstand tot elkaar moeten kunnen variëren. Omdat de camera’s fysiek te groot zijn en de lenzen niet dicht genoeg naast elkaar geplaatst kunnen worden, werk je met een spiegelrig. Daarmee kun je beelden over elkaar heen schuiven. Ze moeten exact over elkaar heen kunnen vallen in alle drie de assen, dus het luistert heel nauw bij de afstelling. Daarvoor heeft de stereograaf tijd nodig; elke lenswissel kost tussen de vijf en twintig minuten. Soms is dat een argument om dan maar geen lenswissel te doen, maar dat is duidelijk een concessie aan de manier waarop je wilt werken.
Een spiegelrig heeft meer nadelen. Op de spiegel kan veel meer licht vallen dan je met je gewone lens gewend bent en het is veel moeilijker af te vlaggen. En als de ene camera een flare ziet en de andere niet, heb je een probleem, omdat maar een oog dat ziet. Dat is lastig om in de postproductie op te lossen. Bovendien zijn spiegels gevoeliger voor krassen en stof en er zit een kleurverschuiving en een belichtingsverschil in beide beelden doordat de halfdoorlatende spiegels altijd een afwijking hebben.
Voor grote totalen moet je de camera’s verder uit elkaar plaatsen dan met een spiegelrig kan. In dat geval heb je een side-by-side rig nodig. Het ombouwen van het ene naar het ander rig kost veel tijd. Met heel kleine camera’s en een relatief kleine optische afstand ben je dan het meest flexibel, maar die hebben weer andere nadelen.”

"Amphibious"


Welke beperkingen kom je nog meer tegen?

“3D is duur, ik denk al snel 40 procent duurder dan een 2D film. Je werkt met twee camera’s en lenzensets die identiek moeten zijn. Bij Amphibious kwamen we er bijvoorbeeld achter dat de Zeiss Ultra Primes -ofschoon optisch gematcht- verschillende focuskalibraties hadden… Bovendien is het kostbaar om een goed rig te huren. En lastig, want er zijn er maar een paar van in Europa.
Behalve meer geld kost het ook meer tijd om in 3D te draaien. Dat komt door lenzenwissel, de stereografie, het instellen van de camera’s en onverwachte praktische problemen. Amphibious had ik eigenlijk op de SI2K willen draaien, vanwege het formaat, maar de 3D-versie was nog lang niet klaar. Ik heb toen gekozen voor Red; ik ken het systeem goed en de camera’s waren eenvoudig via een usb-kabel met elkaar te slaven. Er zaten wel wat minpuntjes aan. De geringe scherptediepte van de S35 chip van de Red, normaal juist een pré, werkt soms tegen je in 3D, zeker in heel close shots. En de enorme grootte -met alle accu’s, kabels en remotemotoren was het een monster van 70 x 70 x 50 centimeter- en het gewicht van 45 kilo beperkten mijn camerabewegingen. Zelfs het zwaarste O’ Connor-statief trok het niet. Idealiter heb je een Arrihead of zo, maar mijn operator had daar geen ervaring mee. Voor Boattrip hadden we ooit het rig aan een Weaver Steadmankop gehangen. Dat werkte perfect, maar die was in Indonesië niet te krijgen. Toen ik met de voorbereidingen begon, was alleen het spiegelrig van P+S-Technik nog voorhanden en dat was eigenlijk te licht voor de camera’s. Het gevolg was dat het rig soms tordeerde als ik een tilt maakte, en de 3D-instelling aan het begin van een shot anders was aan het einde. Door al dit soort dingen werk je heel traag. De favoriete grap van de regisseur was dan ook: ’What does 3D stand for? Three damned shots a day!!!

Wat ten slotte ook nog lastig is: al voor je begint moet je weten wat de grootte is van het scherm waarop de film wordt afgespeeld. Je 3D-afstelling is namelijk anders voor een bioscoopfilm dan voor een 40 inch tv of een 20 inch computerscherm. Over het algemeen geldt: hoe groter het scherm waarop je gaat projecteren, hoe kleiner het 3D-effect als je de film op een kleiner scherm ziet. Bioscoopfilms zijn dus niet geoptimaliseerd voor kleinere schermen. Daar moet je eigenlijk een andere versie voor maken.”

"Amphibious" set

Wat maakt 3D voor jou als cameraman daadwerkelijk anders?

“Als cameraman moet je echt een stapje terug doen; je camerawerk staat in dienst van 3D. Dat geldt overigens ook voor montage, licht, etcetera. Je moet op andere manieren je beeldinformatie geven, dat vind ik een uitdaging. Je moet rustiger draaien, met wijdere lenzen. Die geven meer omgeving en depth cues en werken daardoor beter dan lange lenzen, die het publiek al snel het gevoel geven dat ze naar uitgeknipte kartonnen figuurtjes zitten te kijken. En bij beeldovergangen bijvoorbeeld, moet je rekening houden met de snelheid waarmee ogen kunnen cumuleren, want daarvoor hebben ze wel anderhalve seconde nodig.”

Het lijkt erop dat je veel tegelijk in de gaten moet houden?

“Ja, zo moet je aldoor rekening houden met het kader dat je kiest. 3D werkt als effect alleen goed als de onderwerpen niet worden afgesneden. Anders lijkt het bijvoorbeeld of iemand door een raam springt, maar dat er een deel van het lichaam achter de sponning blijft zitten. Daarom heb je eigenlijk altijd een stereograaf op de set nodig. Iemand die continue het 3D-effect in het oog houdt en de cameraman adviseert. Zo van: ‘De afstand tussen de camera’s moet nu zo groot zijn, omdat we qua effect willen dat er meer in of uit het scherm gaat komen.’ De stereograaf moet ook bij de montage zijn. Want als je bijvoorbeeld plotseling een diepte-ervaring hebt links en daarna snijdt naar iets dat veel dichterbij is rechts, dan moet je als kijker te snel schakelen en kun je misselijk worden. Een stereograaf voorkomt dat.”

Zijn er voldoende mogelijkheden voor de postproductie?

“Ja, ik krijg veel vragen van postproductiebedrijven die 3D-films willen doen. De grap is dat de post misschien wel het makkelijkste onderdeel is; bijna elk postproductiepakket kan 3D aan. De postproductie voor mijn laatste project is ondergebracht bij Crabsalad. Zij werken met Speedgrade van Iridas, dat momenteel een van de betere 3D-postproductietools heeft. Amphibious wordt gepost bij Galaxy in Brussel en gegrade door Floor Bos op Baselight, dat ondertussen ook de tools heeft om 3D-beeld goed te kunnen beoordelen.”

Op welke manieren kan 3D worden bekeken?

“Een poor men solution is het anaglief kijken, waarbij je een brilletje draagt met een rood- en een cyaankleurig glas. Je mist veel beeldinformatie, maar het is het enige systeem waarmee je op je eigen computer of tv 3D kan kijken zonder dat je hardware nodig hebt. Bij de systemen waarmee we 3D in de bioscoop bekijken -IMAX 3D, RealD en XPanD 3D- wordt gebruik gemaakt van polarisatiebrilletjes.”

Aan 3D kleeft het imago van actie-, horrorfilms en beeld experience. Vind je dat jammer?

“Ja, 3D zit of in de nerdhoek, of in de hoek van geld verdienen en spektakel. Bij mijn laatste film moest ik een gevecht leveren met producenten, die zeiden: ‘Ik wil dat het elke minuut lijkt alsof er iets vanuit het scherm naar het publiek toe komt.’ Ik vind dat al snel chocoladesaus op een chocoladetaart. Maar dat heb je met alle nieuwe technieken: eerst wordt het sensationele benadrukt en is het een soort kermisattractie. Daarna wordt het gewoon en krijgt het zijn toegevoegde waarde.”

Wat is voor jou de meerwaarde van die derde dimensie?

“Goede 3D geeft je het gevoel dat je erbij bent. Maar de meerwaarde zit momenteel ook in het nieuwe ervan. Eerst konden we bewegend beeld zien in zwart-wit, daarna in kleur. Montage was ook een belangrijke stap. Zo zijn er nog wat grotere en kleinere ontwikkelingen. En dan nu 3D. Het geeft een wow!-ervaring en dat is leuk en stimulerend. Je blijft daardoor langer kijken naar een relatief saai beeld. In de afgelopen decennia heeft een enorme beeldinflatie plaatsgevonden; je wordt als kijker door niets meer verrast. 3D voegt iets toe, voor zolang als het duurt.”

Wat zijn de meest recente ontwikkelingen op gebied van 3D?

“Wat je nu ziet, bij Avatar, maar ook bij A Christmas Carol, is een combinatie van live action en 3D. Door motion capturing zijn de computerfiguren ‘vermenselijkt’ en in de postproductie kun je nog van alles aanpassen. Dat is een grote stap, die Cameron heeft gezet; hij is in staat geweest om een 3D-film te maken zoals we het in 2D gewend zijn. Namelijk: zet de camera waar je wilt, maak de camerabeweging die je wilt en bepaal het stereo- effect later.”

Is de 2D-film straks verleden tijd?

“Nee, maar ik denk wel dat 3D een passerend station is. Het zal wel blijven bestaan, maar ik denk dat het een nichemarkt blijft van zo’n vijf tot tien procent. De piek komt rond 2011, 2012, omdat alles dat nu gemaakt wordt, dan ongeveer uitkomt. Maar daarna heeft het publiek het trucje wel gezien. En dan wordt het interessant, want dan komt er een manier van verhalen vertellen waarbij 3D iets kan toevoegen. Het lijkt me bijvoorbeeld heel erg leuk om een sociaal drama in 3D-light te maken. Waarbij je wel diepte ziet, maar niet door de makers wordt getrakteerd op een hysterische rollercoasterride.”

 

Nagekomen bericht van Mick van Rossum: "Omdat het interview al wat ouder is zijn er intussen al meer films uit, en is sommige info wat gedateerd. Ondertussen is er in NL al een 3d clip gemaakt van Jan Smit, zijn ze bezig met voetbal in 3D enzovoort."

Ga naar Mick's NSC profielpagina

Ga naar "Amphibious" website